Hoe het was scout te zijn is doodsimpel de scoutswet naleven, niet alleen tijdens de vergaderingen maar ook in het dagelijkse leven. Daarvoor hebben wij ook een belofte op erewoord gedaan. Verder zou u er het jongverkenners-verkennershandboek en verkennen voor jongens moeten bijnemen. Dit was de methode die gevolgd werd doorheen je lidmaatschap van de groep. Als leider had je de uitgaven, peddel je kano zelf en het leidershandboek.
In een publicatie las ik dat ik met “Open scouts” zou zijn gestart en dat dat de parochie niet zinde. Dat is klare onzin. Wie dit beweert weet niets van de stichting geschiedenis af. Er is door de jaren heen veel gefantaseerd door mensen die graag hun mening geven.
Onze groep is wel als “Open scoutsgroep” gestart aangesloten bij het V V K S. m.a.w.: bij het Vlaams Verbond van Katholieke Scouts. Open scouting is aangesloten bij het FOS. Wat een ander neutraal verbond was. Beiden waren samen met hun Franstalige tegenhangers aangesloten via het Belgisch overkoepelend scoutsbureau bij het internationaal scoutsbureau.
Ik persoonlijk heb mij, zoals vele groepsleiders, wel altijd verzet tegen de bemoeiing van aalmoezeniers in de scoutswerking. Een aalmoezenier, ook in een katholieke groep, had in wezen niets te zeggen in de scoutswerking. Hij was niets meer dan een begeleider in de erediensten. Vele aalmoezeniers trachten Proost te spelen zoals bij Chiro en KSA wat zeker door de groepsleider die eindverantwoordelijke was niet werd geapprecieerd.